Boze
Buurman
Mijn boerderij
ligt met nog een aantal huizen aan een asfaltweggetje dat
langzaam overgaat in een zandpad naar de rivier. Wie hier niets
te zoeken heeft, rijdt er gemakkelijk aan voorbij. Zo leiden we
ons eigen leven. Mijn huis staat ietwat teruggetrokken op een
bult, maar met het zicht op buren rechts en links is er toch
nog leven in de brouwerij. Gezinnen en wat ouderen, allen van
Bressaanse origine, enkele buitenlandse weekendgasten...
ziedaar een moderne Franse dorpswijk.
Toen we hier kwamen wonen,
verliep de kennismaking met de wijkbewoners zondermeer
hartelijk. Het was hartje zomer, het leven speelde zich
grotendeels buitenshuis af. Kinderen trokken kinderen aan.
Daarnaast is een mens nieuwsgierig van aard en de Bressaan
zondermeer gastvrij en gemoedelijk. Buurvrouw Jacqueline stond
al gauw met een mandje groenten in de cour. En binnen een mum
van tijd kende ik bijna alle buren onder het genot van
eigengemaakte drankjes en maakte ik kennis met de gewoontes van
de streek. Nog steeds is het wennen, vooral 's ochtends, aan
die flinke scheut eau de vie ('la goutte') van 50° in het
koffiekopje wanneer deze net leeggedronken is. De drank is vaak
een reden om toch nog maar even niet bij iemand langs te gaan -
er moet immers nog wat gebeuren op een dag.
Vanaf het begin verliep het
contact met buurman Jean Guy anders. Hij was aardig maar vooral
terughoudend. Hij had het ook druk. Overdag werkzaam als
metselaar, verwisselde hij 's avonds zijn pet voor die van de
boer om vervolgens bij de boerderij van zijn ouders de koeien
te melken. Ondertussen moest er worden gehooid, geoogst, deed
hij zijn eigen moestuin en die van zijn ouders. Altijd in de
weer, altijd druk. Geen tijd om te leven.
De winter naderde. Overal gingen
de luiken vroeg dicht, rook pluimde uit de schoorstenen. In de
omgeving hoorde je het al gauw vertrouwde geluid van
kettingzagen. Houtwallen werden uitgedund of verdwenen compleet
van de aardbodem, ten behoeve van de houtstook. Dat dit ook bij
mij het geval was merkte ik toevallig tijdens een wandeling in
de vrieskou. Met verbazing zag ik dat mijn twintig jaar oude
eiken geveld waren die tot voor kort nog op de houtwallen
stonden van Jean Guy en mij. Vele meters kuub stonden
opgestapeld, klaar om afgevoerd te worden. Alsof hij lont had
geroken van mijn ontdekking kwam hij 's avonds even langs. Hij
had de helft van onze gemeenschappelijke houtwal geveld, de
andere helft was dus voor mij. Het punt was wel dat juist mijn
helft bestond uit sprokkelhout, omdat deze een paar jaar
daarvoor door hem al eens flink was uitgedund. Dit werd
bevestigd door onze overbuurvrouw die de volgende dag even kwam
kijken in haar vestje. Haar oordeel was duidelijk: dit moest ik
niet over me heen laten gaan.
Dus nodigde ik buurman uit om de
zaak te bespreken. Ik liet hem nog eens de lengte nameten.
Inderdaad, hij had precies de helft. Maar het was ook de enige
helft waar hout op stond. Dus de helft daarvan was van mij. Hij
werd rood, leek zichzelf op te blazen...maar verdeelde
uiteindelijk na lang soebatten de stapels. Mij ging het niet om
het hout, maar om het principe. Liet je hem zijn gang gaan dan
zouden geleidelijk alle houtwallen rondom de boerderij
verdwijnen.
In het voorjaar kwam hij aan de
deur. Hij wilde niet binnenkomen, nam wel zijn alpino af. Hij
had last van mijn hanen die dagelijks bij hem op bezoek kwamen.
Dat vond hij niet prettig. Daar moest ik wat aan doen. Ik zou
er wat aan doen, dat beloofde ik, ze gingen de volgende dag
naar de markt. Toen hij weg wilde gaan vroeg ik hem op de
valreep wat ik moest doen met zijn kippen die elke middag in
grote getale bij mijn kudde rondhingen. Hij liep rood aan, werd
woest, en beende weg. Daarmee was echter de kous nog niet af.
Na vijf minuten was hij terug, hij had het antwoord gevonden:
zijn kippen kwamen niet mee-eten! Ik heb spontaan en
onbedaarlijk moeten lachen. Buurman had humor!
Het leven gaat door. Ik laat
nooit na hem te groeten, hij kan niet om me heen. Elke keer bij
verkiezingen, wanneer ik stembureau moet houden schud ik zijn
hand en vink ik zijn naam.... Jean.. Guy...Boze... Buurman. De
gebruikelijke ceremonie van begroetingskussen laten we
wijselijk achterwege. Eigenlijk is het wel goed zo. Ik houd hem
in de gaten, hij mij. We zien en ontzien elkaar, klaar. Het
maakt het leven een stuk eenvoudiger.
~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~
|